1
Onboardingstatus
Vier tegels in de volgorde die je ook echt aflegt: abonnement, sleutel, verbinding gezien, versie bij. Een tegel die nog niet af is zegt wat de eerstvolgende handeling is in plaats van je te laten gissen. Dat is meteen het antwoord op het half ingerichte account: je logt in en leest wat er aan de hand is.
2
Je verbindingen
Platform, site, versie, status en wanneer de verbinding voor het laatst gezien is, met een waarschuwing zodra er een nieuwere release klaarstaat. Status en versie staan bewust vast: de status bepaalt wat er gefactureerd wordt, dus kon je je eigen verbinding op genegeerd zetten, dan was de teller waardeloos. Dat zeggen we liever dan het te verbloemen. Wat je per verbinding wél instelt is de configurator, en dat is de volgende kaart.
3
Je eigen API-sleutels
Maak een sleutel, plak hem in de plugin, en de verbinding meldt zich vanzelf. Intrekken kan wanneer je wilt. De rauwe sleutel bestaat op precies één moment en wordt één keer getoond: wij bewaren alleen een zoek-hash en een bcrypt-hash, dus kwijt betekent intrekken en een nieuwe maken. Beide handelingen komen in een audit trail.
4
Je configurator
Je pCon.ui-gatekeeper komt uit je eigen licentie, dus die stel je zelf in. Het portaal controleert hem server-side bij EasternGraphics: of het id überhaupt bestaat, of jouw domein al op hun whitelist staat, en of je instantie eindigt in de winkelwagen of in een offerteaanvraag. Je leest de echte stand in plaats van hem aan ons te vragen.
Daaronder zit het configuratorprofiel: interfacetaal, taal van de fabrikantdata, btw-land, achtergrond van de scene, lengte-eenheid, of de prijs zichtbaar is. Je account houdt de standaard en elke shop mag afwijken, want dit beschrijft de inbedding en niet de licentie. Een consumentenshop en een B2B-shop komen daar op andere antwoorden uit. Je zet het in het portaal en niet in de plugin.